Een nieuw wiel.

Donderdag 25 mei. We waren vroeg uit de veren want we gingen Aberlour Gardens en Speyside verlaten vandaag. Het was prachtig weer. De zon scheen vol op en zal dat de hele dag blijven doen. Ik heb me dan ook flink moeten insmeren met zonnebrand crème. Zoals  jullie waarschijnlijk al gemerkt hebben gaan we de rit flink inkorten. Van de oorspronkelijke 7 weken blijven er 4 over. Speyside mag dan veel destilleerderijen hebben slechts een 10 tal ontvangt bezoekers en staan mensen te woord. De overige zijn productie fabrieken waar maar een paar mensen werken en die zie je niet. Voor vandaag stonden Aberlour en Glenfarclas op het programma en het bereiken van het plaatsje Kingussie. De Aberlour Distillery ligt naast Aberlour en we waren er dus ruim op tijd. De ontvangst ruimte was open en ik naar binnen. Een man kwam uit zijn kantoor en vroeg wat ik wilde. Ik heb hem daarbij het een en ander uitgelegd en de brief overhandigt. Hij zou de brief doorsturen naar marketing. Ook wilde we meelopen met een tour maar dat kon niet want ze waren volgeboekt tot maandag. We waren derhalve dan ook snel klaar bij Aberlour. Wij weer op de fiets, nu richting het zuiden. Op ons pad zouden we dan Glenfarclas Distillery tegenkomen en zo geschiede. Glenfarclas wordt nu gerund door de 6de generatie van de oprichter van de destilleerderij. Het is mooi om te zien, de enthousiasme van de medewerkers, ten opzichte van medewerkers van grotere conglomeraten. We betaalde voor de tour maar kregen het geld terug als donatie voor het fonds £ 15,–, een mooi gebaar. De rondleiding was goed verzorgt. Omdat het zo heet was en we een flink stuk wilde fietsen hebben we niet deelgenomen aan de nosing and tasting. Vanuit Glenfarclas zijn we richting Grantown on Spey gereden. Daar kwamen we aan om ongeveer 13:00 uur en moest er wat gegeten worden en uiteraard, althans door mij, gedronken worden. We hadden er op dat moment 35 km opzitten. Nog 50 te gaan. Vanuit Grantown on Spey richting Kingussie moet je met de fiets de B970 nemen een prachtige en rustige weg. Onderweg passeer je ook nog een bekende sportplaats in Schotland, namelijk Aviemore. Laat ik daar nu precies pech krijgen met mijn fiets. De kogellager van mijn achterwiel was kapot. Een heer die net voorbij liep heeft toen op zijn mobiel gekeken waar de fietsenmaker van Aviemore zat. Wij naar de fietsenmaker alwaar Gerard uitlegde wat er mis was. Als ze het gingen repareren koste het ons zeker een dag. Daarom bestelde Gerard een nieuw wiel en waren we binnen drie kwartier geholpen. Al met al koste het ons 1,5 uur. Toch wilde we Kingussie halen, maar wel onderweg oog  blijven houden voor de schoonheid van Schotland. We hebben Kingussie gehaald en slapen nu wild langs een revier. Tot morgen.

Een saaie dag.

Woesdag 24 mei. Zoals we hadden afgesproken waren we vroeg opgestaan. Rond 7 uur. De zon scheen niet maar het was droog en de temperatuur niet slecht. Het kon wel eens warm worden voor een stelletje bejaarde fietsers. Ons hoor je niet klagen bij droog weer. We hadden afgesproken dat we drie destilleerderijen zouden gaan bezoeken. Het zijn er maar twee geworden. En ondertussen toch totaal 98 km gefietst. Eerst gingen we naar Keith, via Dufftown, voor de Strathila Distillery. Onderweg komen nog een 3 tal destilleerderijen tegen maar deze zijn gesloten voor publiek, m.a.w. je kan misschien het terrein wel op en snel een foto maken! We waren in elk geval op tijd voor de opening van het bezoekerscentrum van Strathila. Als onderdeel van een groter geheel konden ze en mochten ze niets doen aan donaties e.d. De tour was onder maats en dat komt toch doordat een niet schotse gastvrouw de tour begeleide. De nosing and tasting was goed verzorgt. Ik kon de samples in kleine flesjes meenemen. Op de terug weg naar Dufftown realiseerde ik me dat we afgelopen zondag ook al in Keith waren. Als ik dat toen had geweten!!!! Zie de blog van zondag. Maar goed, we waren op weg naar The Glenlivet. Halverwege kom je dan door Dufftown. Dufftown heeft een prachtige whisky information shop. Ik dacht wie niet waagt die niet wint en ging ik naar binnen met de bewuste motivatie brief en vroeg of ze het wilde lezen en eventueel op facebook wilde plaatsen. Met shirt en fiets hebben ze vervolgens een foto genomen voor de shop om op facebook te plaatsen. Toen ik uit de winkel kwam was ik Gerard kwijt, hij was in geen velden of wegen te zien. Na enige tijd kwam hij weer tevoorschijn en was hij naar een openbare toilet geweest. Met zijn tweeën weer op weg. Je kunt op een gegeven moment wel merken dat je in The Glenlivet land/estate ben. Alles heeft de extensie “of Glenlivet”. The Glenlivet is ook geen zelfstandig destilleerderij maar onderdeel van Perno. Zodoende dat ook zij mij verwezen naar hun hoofdkantoor in Glasgow voor sponsorship. Naast hun oude en historische destilleerderij hebben ze een prachtige nieuwe gebouwd, technisch hoogstandje en zeer compact. Mooi om te zien als je van techniek houdt. Geef mij maar het eerzame handwerk. Op de terug weg naar Aberlour reden we verkeerd en maakte daardoor een omweg van 10 km.  Niet getreurt, wat zijn nu 10 km op de velen die we al gehad hebben. Maar bij aankomst in Aberlour zijn we toch maar gelijk gaan eten in plaats van naar de tent te gaan om om te kleden en weer terug. We waren moe na 105 km. Tot morgen.

Een warehouse
De beroemde fles van Glenlivet
 

Speyside.

Dinsdag 23 mei. Het is weer tijd om naar bed te gaan. In de tent is het behagelijk warm alleen al door het branden van een zestal theelichtjes in een grote emmer. Vannochtend zijn we vroeg opgestaan om te proberen 4 destilleerderijen te bezoeken. De avond van te voren hadden we onze route al bepaald, zoals we dat nu ook gedaan hebben voor morgen. Eerst wassen/douchen, ontbijten en de rommel een beetje aan de kant, in de tent, zetten natuurlijk. Om 08:00 uur zaten we op de fiets. Wat een drukte op de doorgaande wegen! Om 08:30uur waren we bij de Glen Grant Distillery in Rothes. Alleen er was nog niemand. Het zonnetje scheen, dat doet het meestal in de vroege morgen, hetgeen het wachten veraangenaamde. Ze hadden daar prachtige tuinen, een van de hobby’s van een van de zonen van de oprichter, die we konden bewonderen. En natuurlijk foto’s maken. Alleen ik mocht niet staan waar ik stond, volgens een van de managers, die op het werk verscheen, en verbaast was dat er al mensen stonden te wachten voor een tour. Ondanks dat kregen we de rondleiding gratis, ofwel £ 10,– als donatie voor het fonds. We kregen ook een privé tour omdat we voor de 09:45 tour de enige personen waren. Wel zo fijn. Het is eigenlijk heel gek in de whisky industrie, bij de  ene destilleerderij mag je alle foto’s maken die je wil en bij de andere niet wegens veiligheids overwegingen! De tour zat goed in elkaar. We mochten voor de nosing and tasting het glas zelf inschenken! Vervolgens zette we de tocht voort naar Macallan Distillery. Wat een vriendelijk ontvangst was dat toen we binnen kwamen en uitgelegd hadden waar we mee bezig waren. We kregen zelfs een kop koffie aangeboden een gratis tour en een fles whisky uit de Ruby Collection. Deze uiteraard voor de veiling. Ze hebben hem ook nog veilig ingepakt voor transport. Onze dank gaat dan ook uit naar Gillian Bremner. Maar de plannen van Macallan zijn gigantisch. Op dit moment zijn ze naast de bestaande en uiteraard draaiende destilleerderij, output 10 miljoen liter alcohol, een volledig nieuwe destilleerderij aan het bouwen. Output 15 miljoen liter alcohol. En een gloednieuwebezoekerscentrum en dat alles onder een ecologisch dak. Ze proberen ook zo energie neutraal mogelijk te opereren. Volgend jaar rond deze tijd moeten de eerste liters gaan stromen. De oude destilleerderij wordt stil gelegd. Wat een bezoek! Zou Gardhu ook iets kunnen doen? Dan moesten we er eerst zien te komen. Wij weer langs de camping van afgelopen zondag gefietst tegen de wind in. We waren precies op tijd voor de tour, maar als onderdeel van Diagio mogen ze individueel niets beslissen of doen. Dat hadden we ook al eerder ondervonden bij o.a. de Perno-Seagram groep en andere conglomeraten in de whisky industrie. Maar de tour was goed en wederom mochten er geen foto’s gemaakt worden. Wel hadden we een blinde proeverij. We hadden het allemaal fout. Op de terug weg hadden we in elk geval de wind in de rug en we gingen als de wind. Na zoveel indrukken hadden we wel honger gekregen en vonden we een plekje bij Aberlour hotel. Na een degelijke burger en koffie konden we onze tent gaan opzoeken en gaan slapen. Tot morgen

Een overzicht van mouten van het gerst.
Gardhu blind nosing and tasting
Zo gaat de destilleerderij en bezoekerscentrum bij Macallum er uit zien
Een mooi overzicht van wat ze te bieden hebben
 

Aberlour, Speysite.

Maandag 22 mei. Ik had gisteren geschreven dat we zondag uiteindelijk op een verkeerde camping terecht waren gekomen. Op zich een hele mooie maar vooral een schone camping volgens onze campeerder bij uitstek. Alleen het had geen andere faciliteiten dan toiletten, douches en een washok waarvan de droger niet droogde en het lag te ver van de supermarkt en of eetgelegenheden af. Dus op naar de beoogde camping bij Aberlour. Ik weet inmiddels ook waarom het fout is gegaan en wel om twee redenen. 1e: de mio’s werken niet goed en kunnen de prullenbak in ten 2e: Aberlour heet officieel Charlestown of Aberlour. Maar oké. Om op de andere camping te komen was ook een puzzel, mede door onze mio’s. Hemels breed is de afstand tussen de ene camping en die in Aberlour 10 km. Mijn mio gaf 64 km aan en die van Gerard niet veel minder. Uiteindelijk waren het er niet minder 15 km. In onze transfer rit hebben we nog twee destilleerderijen bekeken. De 1e Dalmunach was nieuw zonder bezoekers centrum en de tweede Dailuaine had ook geen bezoekerscentrum en lag tevens onder reparatie. Waarschijnlijk voor een uibereiding. Dus werden we weggestuurd. Op naar Aberlour dan maar. Terwijl we nog geen km van Aberlour af waren gaf de mio van Gerard nog 25 km aan. Eindelijk arriverend op de camping bleek deze 4 weken geleden overgenomen te zijn door een jong echtpaar en die waren nog volop in een renovatie stadium. Maar we kregen een plaatsje toegewezen en de tent werd weeropgezet. Het volgende doel was om een bezoek te brengen aan Dufftown, capital of de whisky industrie. Onderweg kwamen we de  Speyside Cooperage tegen en dat was met name voor Gerard  erg interessant. En het was inderdaad een openbaring. De mannen die de vaten maken staan nog op stuksprijs. Hun loon is nog afhankelijk van het aantal vaten ze maken. Tevens heel interessant vanuit het technische handwerk dat ze verrichten. Maar ja we hadden nog steeds geen whisky geproeft, en dat is toch wel vreemd als je al een dag in Speyside verkeerd. Daarom op richting Dufftown om toch maar de Glenfiddich Distillery te bekijken. Wat een complex. De rondleiding was helaas niet goed. De dame in kwestie heeft het te lang gedaan, geen humor, afraffelen van een verhaaltje en een zuur gezicht. Tevens kregen we geen bijdragen voor het goede doel! Bij de Cooperage hadden we een tip gekregen dat er schotse muziek gespeeld zou worden in Dufftown en wij besloten er naar toe te gaan. Maar dan moesten we eerst weer naar de camping en weer terug, eerst nog wat eten en daarna naar een clubhuis van de Dufftown British Legion. Foto’s volgen nog. Wat was het gezellig met lokaal oude mensen en uit den vreemde jonge mensen en natuurlijk de onmisbare raffel. Na afloop moesten we nog 8 km fietsen naar de tent. Wat waren we nat. Toch moest er geslapen worden. Dan maar een beetje vocht in de tent. Wel te rusten, tot morgen.

we

Geen bezoekers centrum, ziet er goed uit
Hier werden we weggestuurd
 

Kamperen of niet.

21 mei. Het is onze 3de zondag in Schotland. Wat scheen de zon prachtig na al de regen van gisteren toen we opstonden. Gerard had voor het ontbijt de tent op het grasveld van mevr. Jean Dean in de zon gezet om het te laten drogen. Ook andere grote spullen werden nog even in het zonnetje gezet. De kleren en schoenen waren in de ochtend in elk geval weer droog. Om 08:30 had mevr. Dean, ze moet minstens 80 zijn, het ontbijt klaar, want de andere gasten  uit Australië hadden hun ontbijt om 9 uur. Omdat in 1 keer te doen kon ze niet meer belopen. Maar wat een life saver. Zo goed als het ging hebben we toen alles ingepakt en afscheid genomen van mevr. Jean Dean. Vanuit Forres zijn we naar Elgin gefiets via een mooie route, het duurt dan wat langer maar dan heb je ook iets. We kwamen uit bij de Glen Moray Distillery, waarbij je als je het terrein op rijdt gelijk in het still huis kijkt. De koperen ketels lachen je tegemoet. Maar helaas, het is zondag en de destilleerderij werkt niet. Toen maar zo een paar foto’s genomen van de buiten kant. Opeens komt er uit het huis van de bedrijfsmanager een mevrouw in een badjas naar buiten gelopen en vraagt aan ons of wij de twee broers zijn die Schotland aan het rond fietsen zijn. Dat had ze op facebook gelezen.  Bunnahabhan Distillery management had het op facebook geplaatst. Wel heel erg gaaf. De vrouw van de manager wilde graag een foto van ons en wij mochten ook nog het still huis in en ook daar heeft ze nog foto’s genomen. In de tussentijd kwamen nog andere bezoekers en ook die moesten onverrichter zaken terug. Zelf heb ik nog een 40 jarige Glen Moray thuis staan. Na het uitwisselen van bedankjes zijn we naar Elgin gereden om koffie te drinken. Tijdens het koffie drinken hebben we de plannen omgegooid. We gingen vanuit Elgin naar de camping van Charlestown of Aberlour om daar vervolgens een paar dagen te verblijven. Volgens de mio moest dat 56 km zijn. Ik weet dat het over de gewone weg niet meer dan 20 km is! Maar gingen de mio volgen en komen daardoor in de meest vreemde situaties tegen. Op een gegeven moment fietsen we op een wandelpad vol met kiezels, gras en keien over een afstand van 10 km met stijgingspercentages van 14! Op een gegeven moment was de mio op plaats van bestemming maar wij niet. Een heer stopte zijn auto en vertelde ons hoe we het beste konden rijden. En dat was nog eens een extra uur fietsen om uit te komen op een goede camping maar niet degene die ik voor ogen had. You can’t win them all can you. Maar al met al 105 km gefietst vadaag en mooie dingen beleeft en nu is het tijd om te gaan slapen.o

Foto genomen door de vrouw van de manager bij Glen Moray
Niet naar toegaan, does not like cyclist, climbed 2 km for it.
Dit zijn de wegen die wij mogen berijden.
De revieren zijn donker.

An other Day at the office. 

19 mei. Goed geslapen ondanks de spanning in de spieren. We hadden een afspraak om 10 uur waardoor we konden door slapen tot 07:30. Nadat we alles weer in gereedheid hadden gebracht konden we aan het ontbijt beginnen en wat voor een. Alles er op en eraan. Voordat we weg gingen hebben we onze gastvrouw nog op de foto gezet. Toen was het tijd voor ons bezoek en rondleiding in de Tomatin Distillery. We mochten in oude mash ton staan, zoals je kan zien op een van de foto’s. Hier werden ook de barrels nog zelf gemaakt en in de filling station heb ik de laatste barrel dicht mogen slaan.

Na Tomatin gingen we op weg naar de Culloden Battlefields. Op een kruispunt vlak bij Battlefields wist Gerard een short cut te bedenken, hetgeen betekende een 6 km downhill rit en dezelfde rit weer naar boven om op hetzelfde kruispunt uit te komen. Ik was niet blij met het verlies van een uur en verspilde energie. Het museum over de gevechten tussen de Schotten en Engelsen in 1745 en 1746 was erg indrukwekkend. 

Mijn ruimte op internet is op. Misschien dat het nu wel lukt nu we in Forres zijn aanbeland. Het is inmiddels 20 mei. Maar om gisteren af te maken. Van Culloden zijn we naar de Royal Brackla Distillery gereden. Daar aangekomen is er geen ontvangst ruimte. Wij toch door de main entrance naar binnen gegaan en liepen de trap op toen Carl zich liet zien. Hij schrok van onze aanwezigheid. Want er bleken geen tours gegeven te worden in deze Distillery anders dan via een afspraak met het management. We hebben Carl verteld wat we aan het doen waren waarop hij spontaan zij dat hij ons ging rondleiden. We hebben niet eerder zoveel echt in werking gezien. Hij heeft zelfs voor ons het maalsysteem in werking gezet. Overigens werken er maar 2 personen per shift op de Distillery en ze maken 5 miljoen liter alcohol per jaar. Toen was het tijd om een slaapplaats op te zoeken en die vonden we bij Brodie Capingsite. Deze werd echter niet meer beheerd en stond te koop. Wij toch maar wild camperen op een camping.

Onze gastvrouw in Tomatin

Dit is nog maar het begin van het ontbijt.

Inverness

18 mei. Ik schrijf de datum er maar bij want voordat je het weet ben je die ook vergeten als je hier rond fietst. We zijn vroeg opgestaan vandaag om te proberen wat km te maken en bereik te krijgen voor onze mobieltje. Maar met al dat klimmen valt dat niet mee.

Op een gegeven moment hadden we bereik en dus eerst het thuisfront bellen om ze te laten weten dat we nog leefde. Om 12 uur waren we in Inverness en nog niets gegeten dan een banaan en Iron Bru. Gerard en ik raakten elkaar ook nog een keer kwijt in Inverness. Waar een mobieltje dan niet goed voor is! Na de brunch dachten we dat de Tomatin Distillery voor ons makkelijk nog te halen moest zijn want de i-pad gaf daar 1uur en 40 minuten voor. Maar wij moesten natuurlijk de moeilijkste maar ook de mooiste route pakken en kwamen daar pas om 16:45 aan.  Onderweg ook al gekeken voor B&B’s maar niets gevonden. Dan maar  vragen aan de receptioniste van de Distillery of zij iets wisten. Zij wist wel iets tevens gelijk een afspraak gemaakt voor een rondleiding om 10 uur.  Wij naar het adres die ze ons gegeven had maar helaas de B&B was volgeboekt en geen plaats voor een tent. De buren hadden ook een B&B maar op de raam stond dat ze volgeboekt waren. Toch maar aangebeld voor de vraag of wij onze tent konden opzetten. Een dame deed open en nodigde me binnen en zei dat ze wel kamers had maar bezig was met het opnieuw decoreren van het huis. We hadden de keus uit diverse kamers omdat wij de enige  gasten zijn. Ze heeft zelfs voor ons nog fish and chips and peas klaargemaakt, wat normaalgesproken niet doet. Eind goed al goed. Tot morgen.

Onze kamer vol met teddyberen.

1e lekke band.

17 mei. Vanochtend om 07:45 opgestaan omdat om 09:00 de bezoek ruimte van Ben Nevis Distillery opengaat en we nog geen afspraak hadden. Het zonnetje scheen ons tegemoet in de tent. Eerst wassen en ontbijten. Daarna de spullen alvast ingepakt zodat we konden vertrekken als we terug kwamen van de Distillery. De Distillery lag namelijk niet meer dan 5 minuten van de camping af. We werden hartelijk ontvangen door een jonge vrouw en we betaalde onze deelname fee  £ 10,–. Tevens overhandigde ik haar de standaard brief waarin staat in het kort geschreven wat ook op de website staat. Voor de 10 uur tour waren maar 3 deelnemers en werd daardoor erg persoonlijk. We kregen eerst een leuk filmpje voorgeschoteld over het ontstaan van Scotland en zijn whisky. Daarna een mooie rondleiding door Iain. We mochten er in elk geval wel foto’s maken. Zie bijgaande. Bij terugkeer in de ontvangst ruimte kregen we 4 whisky’s voor de tasting. Tijdens de tasting kwam de manager met een verrassing. We kregen onze entree fee terug voor het goede doel en een fles whisky voor de veiling. 

Om 11:30  hadden we de rondleiding en het handen schudden afgerond en gingen we terug naar de camping om alles op te laden en richting Inverness. Naar Inverness was 105 km dat gingen we niet meer halen en zeker niet na 14 km opgereden te hebben en ik vervolgens een lekke band kreeg langs het kanaal. Na een aantal km gereden te hebben krijg je honger. Gelukkig lag ook op ons pad het mooie plaatsje Fort Augustus en daar hebben we gegeten ons ontbijt, lunch en diner. Toen we verder reden kregen we als toetje een berg voor onze kiezen waarop ik toch een aantal keer moest passen. Al met al duurde de klim meer dan 20 minuten. Daarmee was het nog niet afgelopen want we kregen nog een aantal beklimmingen voorgeschoteld. Ondertussen zagen we de wolken zich opstapelen en begon het te regenen. Toen besloten maar weer wild te camperen tussen de bomen. Alles snel op gezet en dan de tent in. Tijd om het thuisfront te bellen, maar wat bleek we hadden geen bereik. Dat was balen met namen voor onze geliefde, want niets weten of horen is verschrikkelijk. Ook de blog kon niet gemaakt worden dus bij deze. 

Hier voor de twee om twee destileerketels van Ben Nevis Distillery
Twee van de 4 whisky’s die we geproeft hebben

What happened today.

We hadden om 10 uur een afspraak met Stuart voor een rondleiding door de Oban Distillery. We  mochten helaas geen foto’s maken.  Liggend midden in de stad heeft het geen mogelijkheid om uit te bereiden en is daarmee de kleinste Distillery van de Classic Malta. Met 1 wash still en 1 spirit still kan het ook niet anders. Gerard moest daarna nog naar een fietsenmaker om de versnelling opnieuw te laten richten.  Ondertussen begon het te regenen, what els. De ‘mio’ van mij werkte ook niet goed tussen de bergen. Dan maar op de bonnefooi naar Fort William gereden totdat we fietsroute 78 hadden gevonden. Dit is een prachtige fietspad met mooie uitzichten.  Na 81 km waren we aan gekomen waar we wezen wilde. Onderweg had ik nog wel een incident met een oudere man. In Schotland weet je af en toe niet of je op een fietspad of een trottoir rijdt. Ik zie deze man voor mij lopen en bel met mijn fietsbel, door het geluid van het verkeer hoort hij me niet en rijd ik hem bijna omver. Man  zeer boos en accepteert mijn verontschuldig niet. Helaas. Vannacht slapen we weer in de tent want in Fort William begon de zon te schijnen. En morgen bezoeken we eerst de Ben Nevis Distillery. Tot morgen. 

Regen.

Bij het opstarten van de dag en het open slaan van de gordijnen stonden onze schoenen bij wijs van spreken al vol water. Wat een regen kwam er uit de lucht vallen. Na een stevig Schots ontbijt hebben we afscheid genomen van Jim en zijn vrouw. Ze doneerden  £ 10,– voor het goede  doel. Zijn we op de fiets gestapt richting Oban. Plus minus 60 km. Op onze weg kwamen we 4 bergen tegen van de buiten categorie. Onderweg nog wel even gestopt voor een kop koffie met vullende gebak.

We waren zijk nat. Maar de temperatuur was niet echt slecht en we hadden voor de wind. Dat scheelde heel veel. Om half vier waren we al in Oban. Een tent opzetten onder deze omstandigheden was geen optie. We zouden onze kleren niet droog krijgen. Oban binnenrijdend merkten we al snel dat er veel B&B’s waren en konden we snel ergens aanbellen voor een kamer. De verwarming hoog  aan en de kleren uithangen zelf onder een warme douche en klaar voor het bezoeken van de Oban Distillery. We konden het lopende af want de Distillery staat midden in het dorp. De tour was al uitverkocht. Dan maar een afspraak gemaakt voor morgen tien uur.  Omdat de rondleiding niet doorging hadden we de tijd om spullen te verzamelen die naar huis afgevoerd konden worden. Verder alleen nog wat door dorp gewandeld, fish and chips gegeten op een bankje aan de boulevard en een pilsje gepakt in een van de vele bars. Morgen gaan we naar Fort William en de Ben Nevis Distillery. Tot morgen.