The leaving of bonnie Schotland.

Woensdag 31 mei. Ik was nog niet klaar met gisteren. Na het verlaten van dedestilleerderij was de oorspronkelijke bedoeling om Berwick-upon-Tweed te bereiken. Voor de duidelijkheid had ik gevraagd voor de richting bij een medewerker van de destilleerderij. We moesten richting Gifford. Gifford hebben we inderdaad gehaald en daar ook onze lunch genuttigd. Daarna kwamen we bij een splitsing en namen we zoals wel vaker de verkeerde afslag bleek achteraf. Wat een weg was dat zeg, dwars door de Lammermuir hills, geen mens, huis of andere wegen te bekennen voor meer dan 3 uur dan een zinnige persoon met een auto. Stijgings percentages van 17% kwamen veelvuldig voor en niet voor een korte klim maar lang, zeer lang. De eerlijkheid gebied me te vertellen dat we beide ook met de fiets aan de hand de benenwagen hebben genomen. Onze fietsen begonnen te klagen, piepen en kraken. Maar uiteindelijk kwamen we de hills uit en kwamen in Duns uit. Het was inmiddels zo laat en we waren zo moe dat we niet verder gingen. Nu nog slaapplaats vinden in een dorp met 1 hotel die volgeboekt was. Maar gelukkig voor ons was er ook 1 b&b en die had nog een kamer vrij. In het dorp zijn we naar twee bars geweest. Daar ontmoette we George die alles van voetbal kon vertellen en Kevin die erg dronken was en nog nooit in Amsterdam was geweest. Tussen door nog en frietje en naar bed. Ontbijt werd geserveerd om 08:30 uur. Van de eigenaresse van de b&b kregen we £ 5,– voor het fonds. Het plan voor vandaag was om af te dalen naar een camping bij Hauxly, 40 km voor Newcastle. De rit die oorspronkelijk uit de hoed kwam zou niet langer duren dan 6 uren. Maar ja, je kent ons onder tussen. Het moest weer anders. Aan de zon stand/schaduw zag ik dat we verkeerd reden. We reden met een grote boog richting Berwick. Maar voordat je Berwick bereikt passeren we de grens tussen Schotland en Engeland. Bye bye bonnie Schotland, see you later. Berwick, oude hoofdstad van schotland, maar na de laatste oorlog van 1746 geannexeerd door Engeland, ligt aan de kust, vervolgens terug de binnenlanden in richting Wooler van Wooler naar Alnwick en van Alnwick naar een plek langs de kust. Want er is geen camping in de buurt en dus wordt het weer rough camperen. Al met al hebben we meer dan 110 km afgelegd. Wat een dag. Nog steeds geen vlakke stukken weg gezien. En dan het zoeken naar eten, maar dat vertel ik morgen. Tot morgen

De laatste destilleerderij.

Dinsdag 30 mei. Vandaag is speciaal omdat we een bezoek brengen aan de laatste destilleerderij van onze tocht. Maar laten we bij het begin van de dag beginnen. We moesten ten slotte het hotel/b&b verlaten en dat betekende iets eerder opstaan om de tassen weer te vullen en zodanig in te pakken dat de gewichten goed verdeeld kunnen worden op de fiets. Voor het ontbijt hadden we het gebruikelijke volledig schots ontbijt. Bij de afrekening gaf de eigenaar ons £ 30,– voor het fonds mee en vond het fantastisch wat we gedaan hadden en doen. Na een hartelijke afscheid moesten we Edinburgh zie uit te komen en dat valt niet altijd mee in een stad dat niet de jouwe is. Maar het ons uiteindelijk gelukt. Trouwens de weg naar de destilleerderij ging ook niet over rozen maar over een oud spoor. Ook kwamen nog langs een gigantische opslagplaats voor barley en andere graansoorten die gebruikt worden in de whisky industrie. Met een half uur vertraging, door verkeerd rijden en een versleten fiets, kwamen we aan bij de Glenkinchie Distillery.  Ook deze behoort toe aan het conglomeraat DIAGIO, en valt onder de “classic malts selection”. De destilleederij begint met bowling baan. Achteraan heb je het bezoekers centrum. Bij binnenkomst was het absoluut niet druk. Een vriendelijke vrouw lachte naar ons en vroeg waarmee ze ons kon helpen. Ik gaf haar de pasjes “the friends of the classic malts” waardoor we een gratis rondleiding konden krijgen. Tevens gaf haar de bekende brief waarin ik uitleg wat we proberen te doen. Ze was erg onder de indruk en gaf me bij het weg gaan een persoonlijke donatie. Bij Glenkinchie hebben ze hele mooie maquette gemaakt van  de gehele productie lijn voor het maken van whisky. Erg mooi om te zien. Daarna kregen we de tour en nosing and tasting. Ook hier mochten er geen foto’s gemaakt worden van de productie onderdelen. Ook hier zijn ze op details weer anders dan andere destilleerderijen. Een voorbeeld is dat bij Glenkinchie washstill maar tot een 20% alcohol destilleerd wordt. Al met al was het een geslaagde rondleiding. Tevens moesten wij nog op de foto voor facebook. Bij ons vertrek regende het een beetje en daar hebben we regenkleding voor en wij weer op pad, nu richting Berwick- upon-Tweed. Die hebben we echter nooit gehaald maar zijn gestrand in Duns. Hoe dat vertel ik je morgen wel. Voor nu tot morgen.   

Entree van de rondleiding
Zo kan je thuis je eigen brouwsel stoken

Edinburgh

Maandag 29 mei. Vandaag hadden we onze eerste rustdag. De benen waren behoorlijk verzuurd na al de voorbije weken elke dag fietsen en ook nog vaak tegen de klippen op. Tevens is het nog maar 160 km naar Newcastle. Dat moet voor ons een eitje zijn in 4 dagen tijd, als het midden blad maar mee wil werken en er geen al te zware beklimmingen meer komen om de fiets te ontzien. Want aankomen zal de fiets. Vannochtend eerste werk was de DFDS SEAWAYS bellen om er voor te zorgen dat we op de boot konden aanstaande vrijdag. Het liep allemaal voorspoedig en binnen een half uur was het geregeld. Daarna was het tijd voor het ontbijt. Deze werd geserveerd tussen 08:30 en 09:30. Om op krachten te komen namen we beide een vol schots ontbijt bestaande uit: gebakken ei, bacon, worstjes, haggis, black pudding (gebakken bloedworst) witte bonen in tomatensaus en slice (soort van gehakt) en natuurlijk toast. We hadden afgesproken dat we de rustdag zouden gaan gebruiken om Edinburgh een beetje te leren kennen en met de buslijn 11 konden we er komen. Bij George Street zijn we uitgestapt om te voet verder te gaan. We liepen zo tegen het Scott monument aan. Bij het horen van de doedelzak was het plaatje al compleet. Langs Princes Street via de National Gallery of Scotland liepen we de High Street, ofwel de Royal Mile, op richting Edinburg Castle. Maar lieve mensen wat een drukte. Massa’s mensen vanuit alle windstreken op aarde liepen er rond. We hebben zeker een uur in de rij moeten staan om een entree kaartje te kunnen kopen. Het bezichtigen van het kasteel met al zijn tentoonstellingen en niet te vergeten het uitzicht wat je vanaf de kantelen hebt is zeer de moeite waard. De beroemde 13:00 o’clock gunshot hadden we met een halve minuut gemist. Gerard rook de kruitdampen nog toen we uit een tentoonstelling kwamen. We zijn nog even naar het hoogste toegankelijke punt gelopen voor het uitzicht. Terug op de Royal Mile zijn we de diverse winkels ingedoken. Op de Royal Mile heb je ook de The Scotch Whisky Experience. Dat was ook mijn grootste doel voor Edinburgh. Ik liet aan de ingang, het was er razend druk, de brief zien van ons doel. We werden vervolgens ontvangen door Julie Trevisan Hunter, Head of Marketing, die ons een hele mooie rondleiding gaf. Wat je daar ziet is onbeschrijfelijk. Als whisky liefhebber kijk je je ogen uit. Je voelt je als Sjakie in de chocolade fabriek? Ze hebben daar de grootste collectie whisky staan en speciale uitgaven. Fantastisch was het, na de rondleiding en Julie bedankt te hebben zijn we even blijven hangen om een whisky te proeven. We hoefde deze dag toch niet te rijden. Terug op straat hebben  we hier en daar wat gegeten en gedronken, winkels bezocht en zijn vervolgens weer met de bus naar onze b&b gegaan om te bellen met het thuisfront en te gaan slapen. Tot morgen.

Dit is een klein deeltje van de collectie
Gerard in afwachting van iets
Gerard heeft deze geproefd en vond het zalig

We verlaten de hooglanden

Zondag 28 mei. We waren gisteren aangeland in een prachtig estate van John en Barbara Weir waar we hebben geslapen in hun aangebouwde lodge. Na het ontbijt, wat we zelf konden klaarmaken in de keuken van boodschappen die we de avond van te voren hadden gekocht bij de co-op, gingen we inpakken. De fietsen hadden ook een slaapplaats in de garage. De fietsen opladen was onder tussen zo routine geworden dat we snel weer klaar stonden om te vertrekken van deze aardige mensen. Na een aantal gegevens te hebben uitgewisseld en foto’s gemaakt te hebben met elkaars i-pad/i-phone waren we weer op weg. Deze keer naar de Tullibardine Distillery. Barbara Weir had mij de weg uitgelegd er naartoe. Maar ik moest zonodig weer verkeerd rijden. Bij navraag aan een automobilist keerden we weer om naar de rotonde waar ik de verkeerde afslag had genomen. Deze km’s voerde ons langs de onmetelijke greens van Gleneagles, venue of the Rider Cup in 2014. Onderweg werden we ingehaald door een dame op een racefiets en aan haar nogmaals gevraagd ter bevestiging of we goed zaten voor de destilleerderij. Met haar bevestiging reden we vrolijk verder en kwamen we uit bij Tullibardine. Een mooie geschiedenis met heel veel up en downs. Het was een brouwerij vanaf 1488 en werd pas een destilleerderij in 1940. Het is een kleine compacte destilleerderij en produceren het hele jaar door behalve 2 weken in de zomer en 2 weken met kerst. We kregen twee flesjes water mee voor onderweg en een duwtje in de goede richting voor Dunfermline. Maar ja, als je Dunfermline naderd dan weet je ook dat je zeker de hooglanden verlaten hebt. Voor mijn fiets is dat zeker een goede zaak want het midden blad aan de voorkant is volgens Gerard versleten. Ik kan mijn krachten er niet meer op kwijt zonder dat de ketting overslaat. Goed, Dunfermline verlaten en op naar firth of forth bridge om naar Edinburgh te geraken. Nou dat viel niet mee. We reden aan de goede kant van de weg staan we in eens voor een hek. Blijkt die kant afgesloten te zijn. Gerard laat zich niet zomaar afschrikken en opend het hek. We hadden de hele brug voor ons zelf. Met een een onbelemmerd uitzicht op de railway bridge. En dan komt de andere kant en zit ook daar een hek. Deze gaat niet open. Gelukkig zat er een klein poortje in een hek waar we doorheen konden. Eerst wat bananen opgegeten om de kar van Gerard wat lichter te maken en we vonden fietsroute 1 om te volgen richting Edinburgh. Na nog een aantal km’s gereden te hebben dachten we een steak te gaan eten maar dan hadden we 1,5 uur moeten wachten voor een tafel. Niet dus. Na nog een aantal km’s zagen we een leuk uitziende eetgelegenheid. Het was er dan ook gezellig druk. Het was voor de eerste keer dat Gerard zijn bord niet leeg kon eten, zoveel als het was. Ik had haggis, neaps and mash. Voor de zoveelste keer was het zoeken naar een slaapplaats een plaag, zelfs in het stedelijke gebied van Edinburgh. Maar zoals altijd vinden we wel iets. Morgen nemen we een rustdag omdat we nog maar 160 km van Newcastle afzitten en Edinburgh een hele mooie stad is. Tot morgen.

Een warehouse van Tullibardine
Zo maar een paar afbeeldingen
De laaglanden

Een enerverende dag

Zaterdag 27 mei.  We hadden een mooie camping aan de zuidkant van Pitlochry. We hadden gisteren avond ook niet de fut meer om naar Pitlochry te gaan. We stonden op om 08:00 uur. De zon scheen volop. Prachtig om een dag mee te beginnen. Na het ontbijt en het opruimen van de bagage gingen we op pad. Het was de bedoeling om de Edradour Distillery te bezoeken. Alleen om er te komen moet je terug naar Pitlochry centrum en dat was ik vergeten. Dus kwamen we uit op de snelweg. Dit viel helemaal niet goed bij Gerard. Maar keren op de snelweg gaat niet, nooit niet. Dus toch de eerste de beste afslag gepakt en weer terug naar Pitlochry en een route 7 aanduiding gevolg vanaf de uitgang van de camping waar we vandaan kwamen. Het was wel weer een weg met veel, heel veel klimmenen en weinig dalen, zeker in het eerste deel van de dag. Aan het eind van de weg moestenwe route 7 loslaten op weg naar Aberfeldy, ofwel de John  Dewar’s World of Whisky. De rondleiding kregen we gratis. Eerst kregen we een filmpje te zien. Vervolgens kregen we een soort i-pad om door het museum van Dewar geschiedenis heen te gaan. Het was een mooie ervaring met name ook omdat er een Nederlandse versie was voor Gerard. Na het museum hebben kregen we de rondleiding gedaan en ook hier doen the bepaalde handelingen anders dan andere destilleerderijen. Het was een weer een mooie ervaring. Als je ooit zelf naar Schotland komt moet je deze zeker bezoeken. Hoe mooi en gezellig het ook was we hadden nog een missie. De fietsen weer opgepakt gingen we door Aberfeldy op zoek naar de A826 richting Crieff. Had ik dat maar nooit gedaan. Wat een beklimming zeg. Het duurde zeker 20 min. voordat we boven waren. Maar de panorama is dan toch maar weer de moeite waard. Onderweg komen toch veel aangereden fazanten, konijnen, vogels en af en toe een hertje tegen langs de kant van de weg. Bij Grieff heb je dan The Famous Grouse experians, ofwel The Glenturret Distillery. Het is een kleine destilleerderij met maar 1 washstill en 1 potstill met een jaarlijkse output van 120.000 liters. We kwamen precies op tijd en konden gelijk aansluiten bij de rondleiding ook deze was gratis voor ons. Allemaal donaties voor het kankerfonds.  Een klein gedeelte van hun productie, ongeveer 10%, is voor blending in The Famous Grouse, de rest is single malt. Het bezoeken van destilleerderijen was voor die dag gedaan. Nu nog een slaapplaats vinden. Dat moet toch niet zo moeilijk zijn in een redelijke plaats als Grieff. Maar niets is minder waar. We zochten diverse B&B’s op maar deze hadden geen kamer meer beschikbaar. Dan maar verder rijden, naar Auchterarder. We kwamen onderweg geen b&b tegen. Op een gegeven moment zag ik een mevrouw aan de andere kant van een tuinmuur lopen en sprak haar aan met de vraag of ze misschien een b&b wist in de stad. Ze wist me te vertellen dat er diverse b&b’s waren in de stad, maar ook dat er een bruiloft was in het Gleneagles Hotel en dat het toch wel druk zal zijn. Ze moest aan mijn gezicht gezien hebben dat ik een beetje vertwijfeld was want ze zei dat ze zelf nog wel een lodge had staan die we konden gebruiken en of we dat wilde. Ik zei uiteraard ja. Maar mijn god, wat een prachtig huis met een aanbouw en een tuin van diverse hectare. De lodge die wij aangeboden kregen had een keuken annex zitkamer, 2 slaapkamers en een badkamer, wat een luxe voor ons. Ontzettend aardige heer en vrouw des huises. Na onze douche en omkleden gingen we nog wat eten. De rest vertel ik morgen wel. 

Een van de vele warehouses at Aberfeldy

Een nieuw wiel.

Donderdag 25 mei. We waren vroeg uit de veren want we gingen Aberlour Gardens en Speyside verlaten vandaag. Het was prachtig weer. De zon scheen vol op en zal dat de hele dag blijven doen. Ik heb me dan ook flink moeten insmeren met zonnebrand crème. Zoals  jullie waarschijnlijk al gemerkt hebben gaan we de rit flink inkorten. Van de oorspronkelijke 7 weken blijven er 4 over. Speyside mag dan veel destilleerderijen hebben slechts een 10 tal ontvangt bezoekers en staan mensen te woord. De overige zijn productie fabrieken waar maar een paar mensen werken en die zie je niet. Voor vandaag stonden Aberlour en Glenfarclas op het programma en het bereiken van het plaatsje Kingussie. De Aberlour Distillery ligt naast Aberlour en we waren er dus ruim op tijd. De ontvangst ruimte was open en ik naar binnen. Een man kwam uit zijn kantoor en vroeg wat ik wilde. Ik heb hem daarbij het een en ander uitgelegd en de brief overhandigt. Hij zou de brief doorsturen naar marketing. Ook wilde we meelopen met een tour maar dat kon niet want ze waren volgeboekt tot maandag. We waren derhalve dan ook snel klaar bij Aberlour. Wij weer op de fiets, nu richting het zuiden. Op ons pad zouden we dan Glenfarclas Distillery tegenkomen en zo geschiede. Glenfarclas wordt nu gerund door de 6de generatie van de oprichter van de destilleerderij. Het is mooi om te zien, de enthousiasme van de medewerkers, ten opzichte van medewerkers van grotere conglomeraten. We betaalde voor de tour maar kregen het geld terug als donatie voor het fonds £ 15,–, een mooi gebaar. De rondleiding was goed verzorgt. Omdat het zo heet was en we een flink stuk wilde fietsen hebben we niet deelgenomen aan de nosing and tasting. Vanuit Glenfarclas zijn we richting Grantown on Spey gereden. Daar kwamen we aan om ongeveer 13:00 uur en moest er wat gegeten worden en uiteraard, althans door mij, gedronken worden. We hadden er op dat moment 35 km opzitten. Nog 50 te gaan. Vanuit Grantown on Spey richting Kingussie moet je met de fiets de B970 nemen een prachtige en rustige weg. Onderweg passeer je ook nog een bekende sportplaats in Schotland, namelijk Aviemore. Laat ik daar nu precies pech krijgen met mijn fiets. De kogellager van mijn achterwiel was kapot. Een heer die net voorbij liep heeft toen op zijn mobiel gekeken waar de fietsenmaker van Aviemore zat. Wij naar de fietsenmaker alwaar Gerard uitlegde wat er mis was. Als ze het gingen repareren koste het ons zeker een dag. Daarom bestelde Gerard een nieuw wiel en waren we binnen drie kwartier geholpen. Al met al koste het ons 1,5 uur. Toch wilde we Kingussie halen, maar wel onderweg oog  blijven houden voor de schoonheid van Schotland. We hebben Kingussie gehaald en slapen nu wild langs een revier. Tot morgen.

Een saaie dag.

Woesdag 24 mei. Zoals we hadden afgesproken waren we vroeg opgestaan. Rond 7 uur. De zon scheen niet maar het was droog en de temperatuur niet slecht. Het kon wel eens warm worden voor een stelletje bejaarde fietsers. Ons hoor je niet klagen bij droog weer. We hadden afgesproken dat we drie destilleerderijen zouden gaan bezoeken. Het zijn er maar twee geworden. En ondertussen toch totaal 98 km gefietst. Eerst gingen we naar Keith, via Dufftown, voor de Strathila Distillery. Onderweg komen nog een 3 tal destilleerderijen tegen maar deze zijn gesloten voor publiek, m.a.w. je kan misschien het terrein wel op en snel een foto maken! We waren in elk geval op tijd voor de opening van het bezoekerscentrum van Strathila. Als onderdeel van een groter geheel konden ze en mochten ze niets doen aan donaties e.d. De tour was onder maats en dat komt toch doordat een niet schotse gastvrouw de tour begeleide. De nosing and tasting was goed verzorgt. Ik kon de samples in kleine flesjes meenemen. Op de terug weg naar Dufftown realiseerde ik me dat we afgelopen zondag ook al in Keith waren. Als ik dat toen had geweten!!!! Zie de blog van zondag. Maar goed, we waren op weg naar The Glenlivet. Halverwege kom je dan door Dufftown. Dufftown heeft een prachtige whisky information shop. Ik dacht wie niet waagt die niet wint en ging ik naar binnen met de bewuste motivatie brief en vroeg of ze het wilde lezen en eventueel op facebook wilde plaatsen. Met shirt en fiets hebben ze vervolgens een foto genomen voor de shop om op facebook te plaatsen. Toen ik uit de winkel kwam was ik Gerard kwijt, hij was in geen velden of wegen te zien. Na enige tijd kwam hij weer tevoorschijn en was hij naar een openbare toilet geweest. Met zijn tweeën weer op weg. Je kunt op een gegeven moment wel merken dat je in The Glenlivet land/estate ben. Alles heeft de extensie “of Glenlivet”. The Glenlivet is ook geen zelfstandig destilleerderij maar onderdeel van Perno. Zodoende dat ook zij mij verwezen naar hun hoofdkantoor in Glasgow voor sponsorship. Naast hun oude en historische destilleerderij hebben ze een prachtige nieuwe gebouwd, technisch hoogstandje en zeer compact. Mooi om te zien als je van techniek houdt. Geef mij maar het eerzame handwerk. Op de terug weg naar Aberlour reden we verkeerd en maakte daardoor een omweg van 10 km.  Niet getreurt, wat zijn nu 10 km op de velen die we al gehad hebben. Maar bij aankomst in Aberlour zijn we toch maar gelijk gaan eten in plaats van naar de tent te gaan om om te kleden en weer terug. We waren moe na 105 km. Tot morgen.

Een warehouse
De beroemde fles van Glenlivet
 

Speyside.

Dinsdag 23 mei. Het is weer tijd om naar bed te gaan. In de tent is het behagelijk warm alleen al door het branden van een zestal theelichtjes in een grote emmer. Vannochtend zijn we vroeg opgestaan om te proberen 4 destilleerderijen te bezoeken. De avond van te voren hadden we onze route al bepaald, zoals we dat nu ook gedaan hebben voor morgen. Eerst wassen/douchen, ontbijten en de rommel een beetje aan de kant, in de tent, zetten natuurlijk. Om 08:00 uur zaten we op de fiets. Wat een drukte op de doorgaande wegen! Om 08:30uur waren we bij de Glen Grant Distillery in Rothes. Alleen er was nog niemand. Het zonnetje scheen, dat doet het meestal in de vroege morgen, hetgeen het wachten veraangenaamde. Ze hadden daar prachtige tuinen, een van de hobby’s van een van de zonen van de oprichter, die we konden bewonderen. En natuurlijk foto’s maken. Alleen ik mocht niet staan waar ik stond, volgens een van de managers, die op het werk verscheen, en verbaast was dat er al mensen stonden te wachten voor een tour. Ondanks dat kregen we de rondleiding gratis, ofwel £ 10,– als donatie voor het fonds. We kregen ook een privé tour omdat we voor de 09:45 tour de enige personen waren. Wel zo fijn. Het is eigenlijk heel gek in de whisky industrie, bij de  ene destilleerderij mag je alle foto’s maken die je wil en bij de andere niet wegens veiligheids overwegingen! De tour zat goed in elkaar. We mochten voor de nosing and tasting het glas zelf inschenken! Vervolgens zette we de tocht voort naar Macallan Distillery. Wat een vriendelijk ontvangst was dat toen we binnen kwamen en uitgelegd hadden waar we mee bezig waren. We kregen zelfs een kop koffie aangeboden een gratis tour en een fles whisky uit de Ruby Collection. Deze uiteraard voor de veiling. Ze hebben hem ook nog veilig ingepakt voor transport. Onze dank gaat dan ook uit naar Gillian Bremner. Maar de plannen van Macallan zijn gigantisch. Op dit moment zijn ze naast de bestaande en uiteraard draaiende destilleerderij, output 10 miljoen liter alcohol, een volledig nieuwe destilleerderij aan het bouwen. Output 15 miljoen liter alcohol. En een gloednieuwebezoekerscentrum en dat alles onder een ecologisch dak. Ze proberen ook zo energie neutraal mogelijk te opereren. Volgend jaar rond deze tijd moeten de eerste liters gaan stromen. De oude destilleerderij wordt stil gelegd. Wat een bezoek! Zou Gardhu ook iets kunnen doen? Dan moesten we er eerst zien te komen. Wij weer langs de camping van afgelopen zondag gefietst tegen de wind in. We waren precies op tijd voor de tour, maar als onderdeel van Diagio mogen ze individueel niets beslissen of doen. Dat hadden we ook al eerder ondervonden bij o.a. de Perno-Seagram groep en andere conglomeraten in de whisky industrie. Maar de tour was goed en wederom mochten er geen foto’s gemaakt worden. Wel hadden we een blinde proeverij. We hadden het allemaal fout. Op de terug weg hadden we in elk geval de wind in de rug en we gingen als de wind. Na zoveel indrukken hadden we wel honger gekregen en vonden we een plekje bij Aberlour hotel. Na een degelijke burger en koffie konden we onze tent gaan opzoeken en gaan slapen. Tot morgen

Een overzicht van mouten van het gerst.
Gardhu blind nosing and tasting
Zo gaat de destilleerderij en bezoekerscentrum bij Macallum er uit zien
Een mooi overzicht van wat ze te bieden hebben
 

Aberlour, Speysite.

Maandag 22 mei. Ik had gisteren geschreven dat we zondag uiteindelijk op een verkeerde camping terecht waren gekomen. Op zich een hele mooie maar vooral een schone camping volgens onze campeerder bij uitstek. Alleen het had geen andere faciliteiten dan toiletten, douches en een washok waarvan de droger niet droogde en het lag te ver van de supermarkt en of eetgelegenheden af. Dus op naar de beoogde camping bij Aberlour. Ik weet inmiddels ook waarom het fout is gegaan en wel om twee redenen. 1e: de mio’s werken niet goed en kunnen de prullenbak in ten 2e: Aberlour heet officieel Charlestown of Aberlour. Maar oké. Om op de andere camping te komen was ook een puzzel, mede door onze mio’s. Hemels breed is de afstand tussen de ene camping en die in Aberlour 10 km. Mijn mio gaf 64 km aan en die van Gerard niet veel minder. Uiteindelijk waren het er niet minder 15 km. In onze transfer rit hebben we nog twee destilleerderijen bekeken. De 1e Dalmunach was nieuw zonder bezoekers centrum en de tweede Dailuaine had ook geen bezoekerscentrum en lag tevens onder reparatie. Waarschijnlijk voor een uibereiding. Dus werden we weggestuurd. Op naar Aberlour dan maar. Terwijl we nog geen km van Aberlour af waren gaf de mio van Gerard nog 25 km aan. Eindelijk arriverend op de camping bleek deze 4 weken geleden overgenomen te zijn door een jong echtpaar en die waren nog volop in een renovatie stadium. Maar we kregen een plaatsje toegewezen en de tent werd weeropgezet. Het volgende doel was om een bezoek te brengen aan Dufftown, capital of de whisky industrie. Onderweg kwamen we de  Speyside Cooperage tegen en dat was met name voor Gerard  erg interessant. En het was inderdaad een openbaring. De mannen die de vaten maken staan nog op stuksprijs. Hun loon is nog afhankelijk van het aantal vaten ze maken. Tevens heel interessant vanuit het technische handwerk dat ze verrichten. Maar ja we hadden nog steeds geen whisky geproeft, en dat is toch wel vreemd als je al een dag in Speyside verkeerd. Daarom op richting Dufftown om toch maar de Glenfiddich Distillery te bekijken. Wat een complex. De rondleiding was helaas niet goed. De dame in kwestie heeft het te lang gedaan, geen humor, afraffelen van een verhaaltje en een zuur gezicht. Tevens kregen we geen bijdragen voor het goede doel! Bij de Cooperage hadden we een tip gekregen dat er schotse muziek gespeeld zou worden in Dufftown en wij besloten er naar toe te gaan. Maar dan moesten we eerst weer naar de camping en weer terug, eerst nog wat eten en daarna naar een clubhuis van de Dufftown British Legion. Foto’s volgen nog. Wat was het gezellig met lokaal oude mensen en uit den vreemde jonge mensen en natuurlijk de onmisbare raffel. Na afloop moesten we nog 8 km fietsen naar de tent. Wat waren we nat. Toch moest er geslapen worden. Dan maar een beetje vocht in de tent. Wel te rusten, tot morgen.

we

Geen bezoekers centrum, ziet er goed uit
Hier werden we weggestuurd
 

Kamperen of niet.

21 mei. Het is onze 3de zondag in Schotland. Wat scheen de zon prachtig na al de regen van gisteren toen we opstonden. Gerard had voor het ontbijt de tent op het grasveld van mevr. Jean Dean in de zon gezet om het te laten drogen. Ook andere grote spullen werden nog even in het zonnetje gezet. De kleren en schoenen waren in de ochtend in elk geval weer droog. Om 08:30 had mevr. Dean, ze moet minstens 80 zijn, het ontbijt klaar, want de andere gasten  uit Australië hadden hun ontbijt om 9 uur. Omdat in 1 keer te doen kon ze niet meer belopen. Maar wat een life saver. Zo goed als het ging hebben we toen alles ingepakt en afscheid genomen van mevr. Jean Dean. Vanuit Forres zijn we naar Elgin gefiets via een mooie route, het duurt dan wat langer maar dan heb je ook iets. We kwamen uit bij de Glen Moray Distillery, waarbij je als je het terrein op rijdt gelijk in het still huis kijkt. De koperen ketels lachen je tegemoet. Maar helaas, het is zondag en de destilleerderij werkt niet. Toen maar zo een paar foto’s genomen van de buiten kant. Opeens komt er uit het huis van de bedrijfsmanager een mevrouw in een badjas naar buiten gelopen en vraagt aan ons of wij de twee broers zijn die Schotland aan het rond fietsen zijn. Dat had ze op facebook gelezen.  Bunnahabhan Distillery management had het op facebook geplaatst. Wel heel erg gaaf. De vrouw van de manager wilde graag een foto van ons en wij mochten ook nog het still huis in en ook daar heeft ze nog foto’s genomen. In de tussentijd kwamen nog andere bezoekers en ook die moesten onverrichter zaken terug. Zelf heb ik nog een 40 jarige Glen Moray thuis staan. Na het uitwisselen van bedankjes zijn we naar Elgin gereden om koffie te drinken. Tijdens het koffie drinken hebben we de plannen omgegooid. We gingen vanuit Elgin naar de camping van Charlestown of Aberlour om daar vervolgens een paar dagen te verblijven. Volgens de mio moest dat 56 km zijn. Ik weet dat het over de gewone weg niet meer dan 20 km is! Maar gingen de mio volgen en komen daardoor in de meest vreemde situaties tegen. Op een gegeven moment fietsen we op een wandelpad vol met kiezels, gras en keien over een afstand van 10 km met stijgingspercentages van 14! Op een gegeven moment was de mio op plaats van bestemming maar wij niet. Een heer stopte zijn auto en vertelde ons hoe we het beste konden rijden. En dat was nog eens een extra uur fietsen om uit te komen op een goede camping maar niet degene die ik voor ogen had. You can’t win them all can you. Maar al met al 105 km gefietst vadaag en mooie dingen beleeft en nu is het tijd om te gaan slapen.o

Foto genomen door de vrouw van de manager bij Glen Moray
Niet naar toegaan, does not like cyclist, climbed 2 km for it.
Dit zijn de wegen die wij mogen berijden.
De revieren zijn donker.